Leren is een van de meest fundamentele processen in ons leven. Toch wordt het vaak gezien als iets wat we doen op school, een noodzakelijk kwaad, of iets dat vanzelf zou moeten gaan. Maar leren is zoveel meer: het is de sleutel tot autonomie, gedragsverandering en uiteindelijk een betekenisvol en vrij(er) leven.
Gedrag is geen vaststaand gegeven. Het is een dynamisch proces dat voortkomt uit ons brein, onze omgeving en de ervaringen die we opdoen. Dit betekent dat gedrag veranderlijk is, mits we weten hoe we kunnen leren en hoe we gezonde keuzes kunnen maken.
Gedragsverandering komt niet neer op ‘gewoon doen’, ‘niet aanstellen’ of erger door te straffen of zelfs te belonen. Maar zo werkt ons brein niet. Gedragsverandering vraagt om nieuwe neurale verbindingen in ons brein, herhaling van gezonde patronen en – misschien wel het belangrijkste – een hele, hele veilige context waarin iemand fouten mag maken.
Wanneer we nieuwe vaardigheden leren, ontwikkelen we niet alleen kennis, maar trainen we ons brein om flexibel om te gaan met situaties. Dit geldt voor zowel praktische vaardigheden, zoals fietsen of pianospelen, als voor sociale en emotionele vaardigheden, zoals zelfregulatie en communicatie.
De rol van autonomie in leren
Autonomie betekent o.a. dat je je eigen keuzes kunt en mag maken. Dit betekent niet dat alles maar kan en ook niet dat je alles alleen moet doen, maar dat je de vaardigheden hebt om zelfstandig te functioneren. Het leren van vaardigheden draagt direct bij aan autonomie want wat heb je aan vrijheid of autonomie als je nooit hebt geleerd hoe je bijvoorbeeld keuzes maakt. Iets wat we vaak zien in settingen rond kinderen met autisme waarbij anderen bepalen wat het dagritme is en waar het wie, wat, waar en hoe van het leven niet zelden voorgeschreven wordt.
Het bepalen van de dag van kinderen met autisme zorgt voor veel beheersbaarheid. Immers kinderen laten zich wel conditioneren en dat geeft rust voor de omgeving. Maar wat als deze kinderen 18 worden en op sommige plekken in de zorg niet meer mogen verblijven omdat ze “volwassen” zijn. Wat als je dan nooit hebt geleerd dat je keuze mogelijkheden hebt en nog steeds een ander nodig hebt om te bepalen hoe je dag er uit gaat zien? Nog steeds een ander nodig hebt voor bevestiging? Wat als je zelfs nooit hebt geleerd om ‘nee’ te zeggen omdat daar domweg geen ruimte voor wordt geboden?
Hoe meer je weet en kunt, hoe meer vaardigheden, hoe minder je afhankelijk bent van anderen. Wie nieuwe dingen leert, vergroot zijn of haar keuzemogelijkheden. Het geeft vaak een fijn gevoel iets onder de knie krijgen wat eerst onmogelijk leek.
Bij autisme zien we vaak dat kinderen en jongeren vastlopen in hun gedrag. Ze willen wel veranderen maar niet veranderd worden. Ze willen wel veranderen, maar missen de vaardigheden om dat te doen. Bijvoorbeeld: een kind dat niet geleerd heeft om gevoelens te verwoorden, kan gefrustreerd raken en schreeuwen of agressief reageren. De oplossing is niet ‘minder boos worden’, maar leren hoe je emoties anders kunt uiten en natuurlijk weten waar je zo door getriggerd raakt.
Leren is niet altijd bewust
Een van de grootste misverstanden over leren is dat het alleen gebeurt als we er actief mee bezig zijn. In werkelijkheid leren we continu – vaak onbewust. De goede en minder goede zaken. Kinderen leren sociale vaardigheden door volwassenen te observeren. Een professional neemt stresspatronen over van collega’s of de kinderen zonder het door te hebben. Ouders geven hun eigen (onverwerkte) trauma’s door aan hun kinderen, simpelweg door hoe ze reageren op stress.
Dat betekent ook dat niet leren een risico vormt. Als we onszelf geen nieuwe vaardigheden aanleren, blijven we herhalen wat we altijd al deden – inclusief de patronen die ons in de weg zitten. Leren vraagt om meer dan motivatie. Het brein leert de goede en juiste dingen in een omgeving die veiligheid biedt, waarin herhaling mogelijk is en waar je fouten mag maken.
Een nieuwe vaardigheid leren hoeft niet in één keer perfect te gaan. Elke kleine stap is vooruitgang. Angst en stress blokkeren leren. Een veilige, ondersteunende omgeving is noodzakelijk. Het brein heeft tijd nodig om nieuwe patronen in te slijpen. Hoe vaker je oefent, hoe makkelijker het wordt. Leren gebeurt sneller als je feedback krijgt en kunt reflecteren met anderen. Hoe minder je leren ‘moeten’ is en hoe meer als ‘ontdekken’, hoe leuker en effectiever het wordt.
Leren als levenslange vaardigheid
Gedragsverandering en autonomie zijn geen eindbestemmingen, maar voortdurende processen. Hoe meer we leren, hoe vrijer we worden in ons denken en doen. En dat is misschien wel de grootste vrijheid die er is: weten dat je altijd kunt veranderen, groeien en nieuwe mogelijkheden kunt creëren.
Meer over autonomie


