De derde hypothese is de intrigerende titel van het boek van Marjon Kuipers dat onlangs bij Paris Books verscheen…
Op wie heb je je hoofdpersonage Mardi geïnspireerd en waarom balanceert ze op de flinterdunne scheidslijn van waarheid en fictie?
Mardi is geen kopie van één persoon, maar een weefsel van ervaringen, observaties en vragen die ik in mijn werk en in mijn leven tegenkom. Als gedragsanalist loop ik regelmatig tegen misstanden aan: verhalen die niet sluitend zijn, stiltes die te zwaar zijn, waarheden die liever bedekt blijven. Wat iemand zegt, wat een lichaam verraadt en wat verzwegen wordt, kan elkaar tegenspreken en toch tegelijk bestaan. Mardi beweegt zich precies in dat spanningsveld. Sommige scènes heb ik verzonnen, maar ze zijn niet onmogelijk. Andere zijn waar, al is de grens vaak niet scherp te trekken. En misschien schuilt er ook iets van mijzelf in haar. Door het in romanvorm te beschrijven, laat ik die grens open: het blijft aan de lezer of iets werkelijk is gebeurd, of alleen maar denkbaar.
Je bent zelf gedragsanalist; wat is dat precies, en hoe heeft het je geholpen bij het schrijven van deze roman?
Als gedragsanalist kijk ik naar gedrag in samenhang: luister ik niet alleen naar woorden, maar ook naar de toon. Kijk ik naar gebaren, neem de context mee en ben ik alert op hetgeen niet uitgesproken wordt. Het gaat om de betekenis achter gedrag, om de onbewuste lagen. Gedrag = taal zeg ik vaak. Voor deze roman betekende dat dat ik kon schrijven met oog voor wat meestal buiten beeld blijft: de subtiele spanning in een gesprek, de blik die te snel afwendt, de microbeweging die meer onthult dan een hele zin. Schrijven werd zo een vorm van gedragsanalyse in verbeelding – een manier om te laten ervaren dat de mens niet uit losse feiten bestaat, maar uit echo’s, verbanden en stiltes.
Heeft het lichaam herinneringen aan opgelopen trauma in het leven, en kunnen we daar dan ook het trauma oplossen?
Het lichaam is een archief dat niet vergeet. Spanning, reflexen, vermoeidheid of allerlei andere klachten kunnen de echo’s zijn van wat ooit te veel was om te dragen. Oplossen is een veel te groot woord; het suggereert een einde, terwijl het vaak gaat om opnieuw leren leven met wat zich heeft vastgezet. Herkennen, erkennen en ruimte geven kan ertoe leiden dat een mens een nieuwe ervaring van veiligheid opbouwt. In die zin kan een lichaam herinneren, maar ook hervormen. In mijn roman speelt dit door: wat het hoofd verzwijgt, fluistert het lichaam soms nog na.
Waar komt de titel De derde hypothese vandaan?
In mijn werk merk ik dat mensen vaak snel genoegen nemen met een eerste verklaring, en dat ook een tweede verklaring vaak te logisch of te smal blijft. De derde hypothese is een door mij ontwikkeld denkkader en staat voor dat andere perspectief: het nog ongedachte, het onverwachte, de twijfel die ruimte schept voor een bredere blik. Het is de uitnodiging het ongemak van niet-weten te verdragen. Voor mij is het een manier van kijken vanuit het besef dat er altijd meer onder de oppervlakte leeft dan we vaak denken.
Hoe ga je het verschijnen van deze roman vieren?
Ik vier het op een intieme manier: met een boekpresentatie thuis in kleine kring, omringd door mensen die dichtbij mij staan. Daarnaast breng ik mijn boek ook natuurlijk breder onder de aandacht, juist omdat het thema’s aansnijdt die groter zijn dan alleen mijn verhaal.
De derde hypothese is te koop bij alle boekhandels en natuurlijk rechtsreeks via mij.


