De verleiding van betekenis

Marjon Kuipers spiritueel narcisme

(over trauma, macht en spiritueel narcisme)

We willen graag begrijpen waarom iets pijn doet. Het is een poging om houvast te vinden in iets wat ontwricht. Zodra we geraakt worden, zoeken we een reden. Want betekenis geeft richting, en richting voelt als controle. Als we weten waarom, lijkt het soms draaglijker, alsof we door te begrijpen ook iets kunnen herstellen.

In de wereld van therapie en spiritualiteit gaan er veel verklaringen rond die mooi klinken en bijna geruststellend zijn. Dat alles energie is, dat verdriet een blokkade vormt, dat ziekte een trilling heeft of dat pijn iets zegt over trauma’s van onze voorouders. Soms hoor ik dat je alleen maar hoeft te ‘ontwaken’, dat je chakra’s opnieuw moeten worden uitgelijnd, of dat heling te koop is in de vorm van supplementen, kristallen of kruiden die je ‘vibratie verhogen’.

Het klinkt coherent, overtuigend zelfs, alsof de wereld overzichtelijker wordt zodra je haar kunt vangen in woorden, rituelen of flesjes. En dat is begrijpelijk. We willen allemaal weten wat er met ons gebeurt, en vooral waarom. Wie een verklaring heeft, voelt grip. En grip geeft even rust.

Juist daarom zijn deze verhalen zo aantrekkelijk voor mensen die iets hebben meegemaakt wat hun gevoel van controle heeft ondermijnd. Trauma laat sporen na die vragen om houvast. Wie ooit machteloos was, zoekt betekenis om die machteloosheid opnieuw vorm te geven. Het liefst in een verhaal dat hanteerbaar is. In dat gat tussen pijn en verklaring groeit een markt vol dure beloftes: trajecten, supplementen, retraites en sessies die niet alleen heling, maar ook richting verkopen.

Maar samenhang is nog geen oorzaak, en troost is nog geen waarheid. De geruststelling die je voelt, zegt niets over de juistheid van het verhaal. Soms is het niet de methode die werkt, maar het gevoel eindelijk gezien te worden. En precies daar begint de verleiding van betekenis.

Dat twee dingen tegelijk bestaan, betekent niet dat het één het ander veroorzaakt. In de wetenschap wordt gesproken over correlatie en causaal verband. Correlatie betekent dat twee verschijnselen naast elkaar voorkomen, zoals dat er op dagen dat veel ijsjes worden verkocht ook meer verdrinkingen plaatsvinden. Niet door de ijsjes, maar omdat het warm is en mensen verkoeling zoeken in het water. Causaal verband betekent dat het één daadwerkelijk het ander veroorzaakt. En juist dat verschil wordt wel eens vergeten, omdat de gedachte dat er een reden moet zijn ons tijdelijk geruststelt. Zo groeit betekenis uit tot een geloof.

Dat je je beter voelt na een healing-sessie, betekent niet dat iemand jouw energie van dichtbij of zelfs op afstand heeft geheeld. Het kan net zo goed zijn dat je eindelijk serieus werd genomen, dat iemand echt keek en luisterde, tijd voor je had, je leek te begrijpen, dat je even rust vond. Aandacht doet wat met een mens. Ze vertraagt, reguleert, ademt mee. Die menselijke nabijheid en verbinding kan helpend zijn.

De behoefte om te verklaren zit diep in ons. Wie ooit machteloos was, wil grip. Wie ooit iets verloor wat niet te redden was, zoekt betekenis om de leegte te vullen. Soms is een verzonnen verband dan troostrijker dan het rauwe besef dat er soms helemaal geen reden is. Zo ontstaan nieuwe geloven, vermomd als inzicht. De helper wordt een soort heler met zachte stem, maar met stellige overtuiging en precies daar sluipt macht naar binnen.

Hoogleraar sociale psychologie prof. dr. Roos Vonk noemt dit fenomeen spiritueel narcisme. Het moment waarop spiritualiteit niet meer over verbinding gaat, maar over verheffing. Waarin iemand zichzelf ziet als meer bewust, meer ontwikkeld, of meer in contact met het universum dan anderen. Het klinkt zacht, maar het is in wezen een subtiele machtsdynamiek: wie denkt dat hij het beter weet, hoeft niet meer open te staan.

Spiritueel narcisme begint zelden met kwade bedoelingen. Het ontstaat vaak bij mensen die zich anders of ‘wakker’ voelen, die denken iets te zien wat anderen nog niet begrijpen. Achter die overtuiging schuilt vaak oud verdriet, een gevoel van tekort, buitensluiting of machteloosheid dat ooit te groot was om te dragen. Wie vroeger geen invloed had, zoekt later betekenis in invloed hebben. En betekenis geven kan een manier worden om niet te hoeven voelen wat ooit te pijnlijk was.

Zo wordt spiritualiteit een verdedigingsmechanisme: een manier om de chaos van binnen te organiseren door de wereld buiten te duiden. De taal van bewustzijn geeft richting, de rol van helper of heler geeft status, en de aandacht van anderen verzacht iets wat in jezelf nog openligt.

Maar de vraag is of veel van deze zogenaamde ‘facilitators’ dat zelf nog kunnen zien. Of ze nog het onderscheid kunnen maken tussen wat ze waarnemen en wat ze geloven. Of ze nog weten wat correlatie is, of dat ze hun eigen overtuiging inmiddels als causaal verband zijn gaan beschouwen, alsof hun eigen gevoel bewijs is. Want zodra dat gebeurt, vervaagt de grens tussen zorg en zingeving, tussen begeleiding en beïnvloeding. En precies daar wordt het gevaarlijk.

Trauma is geen energieblokkade. Het is een lichamelijke reactie op ervaringen die ooit te groot waren om te dragen. Het leeft in het zenuwstelsel, in de ademhaling, in de spierspanning, in alles wat ooit te veel was. Een lichaam dat ooit te veel spanning droeg en nog steeds reageert alsof het gevaar niet voorbij is. Wie dat wegzet als een ‘lage trilling’ of een ‘onverwerkt karma’, maakt van biologie een sprookje. En als dat sprookje goed verkoopt, wordt het een vorm van macht. Macht verpakt in zachtheid en een vleugje alwetendheid. En precies daar wordt correlatie gevaarlijk: zodra woorden die bedoeld zijn om betekenis te geven, in feite iets uitwissen.

Als taal wordt ingezet om macht te verdoezelen, let dan op. Vooral als het de taal is van geloof. Want geloof legitimeert. Niet alleen het goede, ook het foute dat goed oogt. (uit De derde hypothese)

Pijn hoeft niet verklaard te worden om echt te zijn. Soms wil ze alleen gezien worden. Heling begint niet bij het zeker weten van een ander, maar blijven bij iemand die durft te zitten in wat er is, zonder het te willen oplossen. Dat vraagt moed. Geen methode, geen verklaring, geen haast.

Wie zegt te weten waarom jij pijn hebt, neemt jouw verhaal over. Wie met je blijft zitten zonder te oordelen, geeft het je terug. Dat is het verschil tussen begeleiding en beheersing. Tussen menselijkheid en macht.

Correlatie is verleidelijk omdat het orde biedt, maar echt kunnen zijn vraagt ruimte voor alles wat nog niet klopt. Twijfel is geen zwakte; het is de zuurstof van bewustzijn. En misschien, als er al iets goddelijks bestaat, dan leeft het precies daar, in dat stille midden tussen weten en voelen, waar we ophouden te verklaren en eindelijk gewoon durven zijn.

De derde hypothese is te koop via jouw eigen boekhandel en bij Bol.

Meer lezen? Bekijk ook eens:

Autonomie AutismeAcademie

08/10/2026

Then who am I?

05/10/2026

Vermijding of behoefte aan autonomie