Author Archives: Marjon Kuipers

  1. Profling bij onbegrepen gedrag.

    Leave a Comment

    Marjon Kuipers  en Ingrid de Jong zijn als profilers gespecialiseerd in het lezen van spanning en emoties die zichtbaar zijn in micro-expressies. Personen zonder een achtergrond als profiler geven aan intuïtief aan te voelen dat er “iets” speelt, maar kunnen vaak niet duiden wat precies. Profilers zijn getraind emotie en gedrag snel en adequaat te kunnen analyseren. Wij maken analyses van gedrag en toekomstig gedrag.

    Ook verzorgen wij trainingen en workshops op het gebied van emotieherkenning en duiding voor mediators en hulpverleners.  Kinderen met onbegrepen gedrag observeren we, waardoor ouders, leerkrachten en professionals handvatten voor behandeling en interventies krijgen. Een analyse van de interactie tussen ouder(s) en kind(eren) kan ook helpend zijn door het blootleggen van onbewuste patronen. De profling analyse wordt onderbouwd door een uitgewerkt rapport.
    Een persoonlijk traject voor diegene die meer grip wil krijgen op zijn of haar emoties is ook mogelijk.

    Wil je meer weten:

    www.femprofiling.nl

     

  2. De ADAut meet als eerste onderzoeksinstrument gehechtheidsontwikkeling bij autisme

    Leave a Comment
    Eindhoven, 12 maart 2019
    Uit recent wetenschappelijke onderzoek, uitgevoerd door klinisch psycholoog C. Lisman, blijkt dat het onderzoeksinstrument van de Loekemeijermethode, de ADAut (Attachment Development Autism), betrouwbaar en valide is. De ADAut is een uniek instrument in onderzoek naar autisme: het is het eerste en enige onderzoeksinstrument dat de gehechtheidsontwikkeling van mensen met autisme meet. Zodra er met de hulpverlening wordt aangesloten bij de ontwikkelingsfasen van de gehechtheid, blijkt uit de klinische praktijk dat gehechtheidsontwikkeling bij autisme wel degelijk mogelijk is.
    Loekemeijermethode
    Volgens Loekemeijer is de gehechtheid meer dan alleen een ‘veilige hechting’. Zij ziet de gehechtheidsontwikkeling als een samenspel van drie verschillende en onlosmakelijk met elkaar verbonden ontwikkelingsgebieden:
    A.Gerichtheid op de gehechtheidspersonen (de ontwikkeling van de gehechtheidsrelaties);
    B.Gerichtheid op zichzelf (de emotionele ontwikkeling);
    C.Gerichtheid op anderen (de sociale ontwikkeling).
    Volgens Loekemeijer doorloopt iemand met autisme, net als iemand die zich gemiddeld ontwikkelt, dezelfde opeenvolgende ontwikkelingsfasen van de gehechtheid. Dit proces begint echter met een achterstand, verloopt veel langzamer dan gemiddeld en gaat niet vanzelf verder.
    Loekemeijer ontwikkelde op basis van praktijk- en literatuuronderzoek de ADAut. Hiermee kan worden vastgesteld in welke fasen van de gehechtheidsontwikkeling iemand met autisme zich bevindt. Het onderzoeksinstrument richt zich op gevoel en laat cognitie buiten beschouwing. Ook ontwikkelde Loekemeijer een gehechtheidstheorie en een specifieke werkwijze. Hierdoor kan de hulpverlening gericht worden afgestemd op de cliënt en de ontwikkelingsfasen waarin deze zich bevindt met als uitgangspunt ontwikkeling mogelijk te maken.
    Betrouwbaarheid en validiteit
    Aan het onderzoek deden 31 personen mee die recent de diagnose Autisme Spectrum Stoornis hebben gekregen op basis van de DSM-V criteria. Het gehechtheidsonderzoek werd, onafhankelijk van elkaar, uitgevoerd door twee beoordelaars. Tijdens het onderzoek werd gekeken naar de betrouwbaarheid van de uitkomsten van de twee beoordelaars ten opzichte van elkaar en de betrouwbaarheid van de ADAut schalen. De resultaten van het onderzoek laten een hoge betrouwbaarheid zien en zijn als valide beschouwd.
    Ook werd de validiteit ten opzichte van de Cambridge Friendship Questionnaire (FQ) bestudeerd. Vriendschap is namelijk een belangrijk onderdeel van normaal sociaal functioneren. De hypothese is dat de fasen van gehechtheidsontwikkeling gerelateerd zijn aan het vormen van vriendschappen, zoals de FQ deze waardeert. De ADAut laat zeer betrouwbare uitkomsten zien, die overeenstemmen met de resultaten van de FQ.
    Loekemeijeropleiding
    De ADAut kan gebruikt worden in de geestelijke gezondheidszorg. Het geeft een goed beeld van de ontwikkelingsmogelijkheden van de cliënt voor zowel de onderzoekspsycholoog, de cliënt als de betrokken hulpverleners. Het gebruik van de ADAut en de navolgende hulpverlening volgens de Loekemeijermethode is voorbehouden aan zorgverleners die de opleiding tot Loekemeijer gehechtheidsonderzoeker hebben afgerond.
    Meer informatie
    Voor meer informatie kijkt u op www.yvonneloekemeijer.com.
    Het wetenschappelijk onderzoek is hier te downloaden.
    Perscontact: Yvonne Loekemeijer, info@yvonneloekemeijer.com, 06-47675454
  3. Mama Vita Twente op 21 maart 2019

    Leave a Comment

    PILOT BIJEENKOMST REGIO TWENTE 21 MAART 2019

    Hierbij nodigen wij alle moeders van kinderen met autisme uit om deel te nemen aan een bijeenkomst van de stichting Mama Vita in de regio Twente.

    Mama Vita biedt steun aan moeders van alle leeftijden, verschillende achtergronden en met verschillende hulpvragen. De missie van Mama Vita is verbinding en veerkracht creëren tussen moeders zodat ze zichzelf en hun kinderen de beste kansen kunnen bieden met als doel een volwaardige plek in de samenleving. Regiomoeders Miranda Graziano en Manon Score organiseren elke maand een bijeenkomst met een thema, lezing of workshop.

     

    “Delen, herkennen en erkennen, elkaar steunen en motiveren, positieve energie!”

    “Fijn om te weten dat ik niet de enige moeder ben”

    “Mama Vita is voor mij uitwisselen, elkaar helpen en samen huilen en lachen”

    “Zo heerlijk om te praten zonder te hoeven uitleggen”

     

    PROGRAMMA

    18.30 – 19.00 uur                   inloop met koffie, thee en wat lekkers

    19.00 – 19.15 uur                   introductie Mama Vita en regiomoeders Miranda Graziano en Manon Score

    19.15 – 20.00 uur                   voorstel rondje moeders

    20.00 – 21.00 uur                   gelegenheid om vragen te stellen, wat zijn de behoeften

    of benodigdheden? Daarna met een positief gevoel naar huis.

     

    LOCATIE

    ROC van Twente, Gieterij 200 te Hengelo (parkeerplaats voor de deur, op loopafstand van station Hengelo) Verzamelen bij de grote boom in de centrale hal.

     

    AANMELDEN

    Aanmelden bij regiomoeder Miranda Graziano

    Via mailadres:  twente@mamavita.nl

     

    Kijk voor meer informatie over Mama Vita op onze website www.mamavita.nl

  4. Triple A Masterclass (Autisme – ADD – ADHD) voor Mediators

    Leave a Comment

    Hoe komt het toch dat mensen met en zonder autisme elkaar soms zo moeilijk lijken te begrijpen? Hoe duidelijk je ook bent, toch lijkt de ander maar niet te willen snappen wat jij bedoelt. Hij of zij komt met een reactie die niet aanhaakt bij wat jij bedoelt of doet totaal iets anders dan je gevraagd hebt. En omgekeerd begrijp jij soms de ander niet. Dit wekt vaak ergernis op en niet minder vaak frustratie bij alle partijen. 

    Veel mensen met een vorm van autisme nemen gewoon deel aan het maatschappelijke verkeer. Ze zijn partner, ouder, collega, vriend net zoals mensen zonder autisme.

    Conflicten geven stress. In hevige stress/overprikkeling gaat bij iedereen, zonder uitzondering, het denken uit.
    Bij mensen met Autisme, Adhd, Add (Tripple A) wordt informatie ook nog eens anders verwerkt dan bij mensen zonder kwetsbaarheden en daarmee ervaren zij een extra stress gevoeligheid. Dit heeft effect op het al dan niet slagen van een mediation. Partijen met deze achtergrond zijn vaak snel overprikkeld. Miscommunicatie zorgt voor een bron van ergernis en hiermee tevens voor een grotere stressbeleving. In de context psychische kwetsbaarheden beter bekend als overprikkeling. Wat precies is overprikkeling en wat is de relatie met communicatie. En hoe spelen emoties hier een rol in. En het belangrijkste; wat kun je doen om uit de overprikkeling te blijven.

    Overprikkeling is een stressresponse reactie van het lichaam. Het betekent dat er meer prikkels binnenkomen dan er op dat moment verwerkt kunnen worden. Het brein krijgt een signaal dat de situatie “onveilig” is en zal alles in werking zetten om “te overleven”. Dit is een onbewust proces waar je, zoals veel Tripple A mensen zullen beamen, weinig tot geen controle op hebt als dit je overkomt. Als mediators weten we dat partijen die een hoge mate van stress ervaren hun stempel drukken op het al dan niet slagen van een mediation.

    Hoe hou je partijen goed aan tafel en wat kun je als mediator doen vanuit de wetenschappelijke kennis op het gebied van de werking van het brein, emoties en stressbeleving?

    In deze masterclass gaan wij uitgebreid in op hoe de prikkelverwerking bij mensen met autisme werkt en welke effecten dit teweeg brengt. Bij jou aan de mediatontafel maar ook het effect op de houdbaarheid van de afspraken die gemaakt worden.

    Mediators  Marjon Kuipers en Marcel de Boer en ervaringsdeskundige trainer Leander Westerbeek van Eerten houden op 17 april een helder verhaal over de essentiële kennis die je als mediator gaat helpen bij het mediation met partijen die meer dan gemiddeld stressgevoelig zijn.  Leander neemt jullie mee in de wereld van autisme en vertelt open over zijn kwetsbaarheid.

    Deze middag geeft recht op 4 PE Punten MfN


     

    “Bij de training was iemand die zelf een vorm van autisme heeft. Hij vertelde heel open over het belang van duidelijk communiceren. Ontwapenend om hem hierover te horen praten en leerzaam om bemerken hoe belangrijk het is Hoe je de vraag stel. “We krijgen de hele dag door een gigantische hoeveelheid aan informatie te verwerken. De training geeft me meer inzicht in de manier waarop iemand met autisme of adhd deze informatie tot zich neemt, en dat het zo belangrijk is om hiermee rekening te houden wanneer je dit in een mediation tegenkomt.”


    “Nog aan het nazinderen van een indrukwekkende masterclass Triple A voor Mediators bij ons bij Mediation Amsterdam vandaag. Ervaringsdeskundige trainers Leander Westerbeek van Eerten, Marcel de Boer en Marjon Kuipers van de Autisme Academie namen ons mee in een wereld van stress en prikkels en hoe wij daar als mediators zo zuiver en vaardig mogelijk mee kunnen omgaan als één van de partijen aan tafel prikkelgevoelig(er) is door autisme, ADD of ADHD.”


    “Ontroerend openhartig. Wat ingewikkeld kan autisme en ADHD zijn. Blij met de opgedane kennis. Ik kijk nu ook anders naar mijn eigen rol en hoe ik ondanks mijn ervaring als mediator vaak zelf voor prikkels heb gezorgd.”


    “De praktijk wel heel dichtbij gebracht door de ervaringsdeskundige trainers Leander en Marcel. Stevig onderbouwd door de kennis en ervaring van Marjon.”

  5. Masterclass Thuiszitters | De schrijnende werkelijkheid

    Leave a Comment

    Er zijn verschillende criteria voor thuiszitters

    De werkelijkheid van thuiszitters is vaak vele malen anders, schrijnender, dan aangegeven wordt door onderwijsorganisaties. Er wordt namelijkvaak  alleen maar gekeken naar kinderen die niet naar school gaan en wel ingeschreven staan bij een school. Maar er zijn ook kinderen die een leerplichtontheffing hebben maar wel  leerbaar zijn en dit zijn de “verborgen”thuiszitters.


    Merlijn heeft thuis gezeten met een leerplichtontheffing en nu zit hij thuis met onderwijs op afstand. Om dit te realiseren is er wel een weg te gaan door zorg en onderwijsland met vele hobbels.

    In deze masterclass vertellen Saskia en Merlijn hoe het is om thuis te zitten en onderwijs te realiseren. De broodjes aap verhalen in het onderwijs komen aan bod en hoe hiermee om te gaan.

    En wat je nu kunt betekenen als volwassenen voor een kind met autisme dat thuis komt te zitten. Hoe krijgt het kind weer vertrouwen in zijn toekomst. Hoe bouw je aan zelfvertrouwen? Merlijn zal vertellen wat hij heeft gedaan en hoe het Futureplan hem geholpen heeft. We zullen uitleggen dat je op een andere manier naar deze situatie kan gaan kijken en wat je ervoor nodig hebt om te werken naar een toekomst voor het kind met autisme.

    Ben je ouder, hulpverlener of leerkracht dan krijg je tijdens deze masterclass de inside informatie die je nodig hebt om tot een goede oplossing te komen.

    Punten die aan bod komen:

    • Wat is nu precies de thuiszitter
    • Hoeveel thuiszitters zijn er dan
    • Hoe regel je wel onderwijs
    • Hoe regel je een zorg onderwijsarrangement
    • Wat kun je doen aan het zelfvertrouwen van het kind dat thuis komt te zitten
    • Wat is een Futureplan en wat kun je hiermee doen
    • Aanmelden voor deze masterclass 

    Merlijn is de bekendste thuiszitter van Nederland. Samen met onze trainster Saskia geeft hij deze masterclass.

    Merlijn over school

  6. Verbindingsmindmap

    Leave a Comment

    Onze trainster Jellienke Winters heeft overzichtelijk gemaakt welke tools je kunt inzetten om verbinding te maken als je autisme hebt. Overigens ook als je geen autisme hebt. Wil je dit ook kunnen toepassen schrijf je dan in voor een van onze trainingen op het gebied van autisme en leer deze tools van Jellienke of een van onze andere trainers met autisme. https://lnkd.in/eHRJDhy
    Voor uitleg door Jellienke: “
    https://lnkd.in/ei2g5bJ

  7. Triple A (Autisme – ADD – ADHD) in de Mediationpraktijk

    Leave a Comment

    Uit onderzoek blijkt dat mensen met psychische kwetsbaarheden vaker in conflict raken dan gemiddeld. Wij zijn blij dat we MFN RegisterMediators mogen trainen in deze specifieke vorm van conflict bemiddeling. Gisteren voor de mediators van Mediation Amsterdam en maandag voor de mediators van Resolve mediators.

     

  8. Nieuwe trainingen

    Leave a Comment

    De trainingsdata voor na de zomer staan weer online. Dus als je echt wilt leren over autisme, communicatie en over je eigen rol in wederzijds contact schrijf je dan nu in:

    7 daagse opleiding tot Autismevriendelijke coach



    Zomaar even wat uitspraken van onze cursisten:


    “Ontzettend bedankt dat je deze maanden met me bent meegevlogen”
    “De ervaring met het ABC van Nynke, indrukwekkend”
    “Ik dacht dat ik al best veel wist over autisme, maar ik heb zo veel geleerd”
    “Les krijgen van trainers met autisme is geweldig”
    “Dapper dat jullie je zo kwetsbaar op stellen als trainers en niet pretenderen dat jullie het allemaal wel weten en ook nog wel eens worstelen”

    “Met een lach en een traan”
    “We hebben genoten van jullie heerlijke humor”
    Jullie hebben zo veel respect voor elkaar”
    “Theorie en praktijk met elkaar verbonden”
    “Jammer dat het is afgelopen, ik wil iedere maand een dag les van jullie”
    “Wat een bijzondere reis”
    Life changing experience, met heel veel dank aan jullie”
    “Jullie maken het verschil”


     

  9. Autisme en Muziek: Door Tonny van Hensbergen

    Leave a Comment

    Inleiding

    De opleiding ‘Autismevriendelijke coach’ van de Autisme Academie wordt afgesloten met de presentatie van een eindopdracht. 

    Voor de keuze van het thema heb ik aansluiting gezocht bij mijn hobby. Dat is het maken van muziek in een harmonieorkest en een jazzband. 

    Wat kan het maken van muziek opleveren voor mensen met een vorm van autisme en hoe kijken docenten en dirigenten daar tegenaan? Wat is er te vinden op Internet en wat zijn de praktijkervaringen van docenten en dirigenten?

    Hieronder ga ik in op:

    • Enkele bevindingen vanuit de wetenschap
    • Wat enkele gespecialiseerde docenten er op Internet over zeggen
    • Een methodiek voor autismevriendelijk onderwijs
    • De praktijkervaringen van vier docenten/dirigenten
    • Enkele conclusies en aanbevelingen

    Wetenschap

    Muziek maken is goed voor de ontwikkeling van de hersenen. Dit geldt voor iedereen, maar zeker ook voor mensen met autisme. Bekende hoogleraren als Dick Schwaab[1]en Erik Scherder[2]en Henkjan Honing[3]schreven erover. 

    Muziek heeft invloed op het ontwikkelen van de hersens. Denk daarbij aan de motoriek, het gevoel en de emotie. De veranderingen in de hersenen hangen samen met de leeftijd waarop met musiceren werd begonnen en met de intensiteit waarmee geoefend werd. 

    Vrijwel iedereen is muzikaal, maar de mate waarin verschilt sterk per individu. Erfelijkheid en oefening versterken elkaar in de ontwikkeling van de muzikaliteit. Mensen die beginnen met muziek maken en daarin ook doorzetten hebben een bepaalde aanleg. Wie op jonge leeftijd begint met muziek maken kan daarin ver komen. 

    Muziek heeft een grote invloed op de ontwikkeling, de structuur en het functioneren van de hersenen. Muzikale training verhoogt het IQ, verbetert het verbaal redeneren, versterkt het kortetermijngeheugen en verbetert spraak en taalvaardigheden. Muziek brengt groepen bijeen en bevordert daarmee de sociale samenhang.

    Bij musici zijn er meer verbindingen tussen hersengebieden die betrokken zijn bij geheugen, motoriek en emotie en er zijn meer verbindingen tussen de linker- en de rechterhersenhelft. Volwassen musici hebben betere uitvoerende functies dan volwassen niet musici.

    Mensen met autisme kunnen problemen hebben met sociale interacties en communicatie. Muziektherapie is erop gericht om op die aspecten verbetering aan te brengen. Het kan helpen ter verbetering van sociale, sociaal emotionele, verbale en non verbale communicatie. Het kan ook leiden tot verbetering van de ouder-kind relatie.

    Veel mensen met autisme zijn bovengemiddeld muzikaal. Ze hebben een goed maatgevoel (regelmaat in de muziek) en een goed relatief gehoor (het horen van toonintervallen, dat zijn de afstanden tussen de tonen). Een absoluut gehoor (het herkennen van de toonhoogte zonder referentietoon) is zeldzaam. Het komt voor bij 1 op de 20.000 mensen. Bij mensen met autisme komt het meer dan gemiddeld voor.

    Muziekdocenten en dirigenten

    Muziek maken is goed voor het welbevinden van veel mensen met autisme. 

    Hoe gaan muziekdocenten daarmee om? Is een standaard muziekles ook geschikt voor kinderen met autisme of is een andere benadering nodig? Hoe zit het met het samenspel? Houden ze rekening met beperkingen? Houden ze rekening met bijzondere kwaliteiten?

    Wat is hierover te vinden in de literatuur en op Internet? Wat vinden muziekdocenten ervan?

    Internet

    Sommige muziekdocenten hebben zich gespecialiseerd in het geven van les aan leerlingen met een vorm van autisme. Ik vond op Internet enkele op autisme gespecialiseerde muziekdocenten:

    Wilma van Draaij van Muziekschool Plus zegt er het volgende over:

    Haar leerlingen hebben plezier in het bespelen van een instrument. Het geeft hen meer zelfvertrouwen en maatschappelijke weerbaarheid.  De communicatie verbetert. Het lichaam krijgt meer rust.

    Sigrid Heijdravan Muzieklesplus noemt het volgende:

    Zij ziet bij haar leerlingen een groeiend zelfvertrouwen en de ontwikkeling van een positief zelfbeeld. Muziek maken helpt bij het leren begrijpen van gevoelens.

    “Wie muzikale vaardigheden heeft, kan nuances in de taal, zoals veranderingen in de stem, beter en sneller interpreteren.”

    Muziekles zorgt voor sterke verbindingen tussen hersencellen, betere samenwerking tussen de linker- en de rechterhersenhelft en een betere prikkelverwerking.

    De lessen zorgen voor een betere coördinatie van allerlei handelingen en een soepele motoriek.

    Muziek maken heeft een positieve invloed op de gemoedstoestand, stimuleert emotionele intelligentie en verbetert communicatieve en sociale vaardigheden. Muziekles vergroot de zelfkennis, raakt emoties en ondersteunt de persoonlijke ontwikkeling.

    Methodiek

    Ik vond de volgende methodiek:

    Wim Steenbakker

    Aanbeveling Muziek en Autisme: Autismevriendelijk muziekonderwijs in het VO.

    Afstudeerscriptie bacheloropleiding Docent Muziek.

    Hoe is het in de praktijk?

    Ik sprak drie docenten over hun praktijkervaringen. Eén docente beantwoordde mijn vragen per mail. Deze vier personen vertelden of mailden mij het volgende:

    Docent Annelies Voesten:

    Annelies geeft (individuele) muzieklessen en is werkzaam in het onderwijs. “Iedere leerling is anders. Pas daarom op met algemene uitspraken.” Annelies heeft ervaring met leerlingen die fragmentarisch denken. Ze hebben dan moeite met de samenhang in de muziek.

    Voorbeeld: De leerling leert een bepaald ritme. De leerling leert ook de noten die bij de melodie horen. Het lukt vervolgens niet om de melodie in het geleerde ritme te spelen.

    Docent AndréJansen:

    André heeft ervaring met het lesgeven aan leerlingen met (het vermoeden van) een vorm van autisme. Hieronder een weergave van wat André mij vertelde over deze leerlingen.

    “Deze leerlingen zijn vaak best intelligent en het aanleren van de theorie is daarom meestal geen probleem. De leerlingen zijn technisch goed in de beheersing van het instrument. De leraar doet het voor en de leerling kan het nadoen. Het is echter lastig om dit om te buigen naar muzikaal goed spelen. De muzikale expressie is dus vaak een punt van aandacht.”

    “De leerlingen vinden het leuk om samen met anderen muziek te maken, maar vertonen daarbij nog wel eens onhandig gedrag. Ze ‘trekken zich op’ aan de andere leerling, maar letten onvoldoende op (de behoeften van) die andere leerling. Dat geldt overigens niet voor alle leerlingen met autisme.”

    “De leerlingen focussen zich op één ding en vergeten dan de rest. Ze zijn gericht op details en hebben moeite om de samenhang te zien. Werk daarom in stappen en geef duidelijke instructies en wees daarbij heel precies.  Maak lijstjes en blijf herhalen. Een instructie geldt in een bepaalde context. De leerling heeft niet altijd door, dat het ook in andere situaties van toepassing is. Zorg dat de les een duidelijk begin en een duidelijk eind heeft.”

    “Het werken met audio- en video opnames kan helpen. De leerlingen hebben echter soms moeite om de eigen fouten te zien of te horen.”

    “Het systeem, waarbij leerlingen 20 minuten per week les hebben werkt zeker voor leerlingen met autisme niet handig. Als eerste 10 minuten gaan op aan andere dingen dan de les zelf blijven er per saldo maar 10 minuten echte lestijd over.” 

    De docent wil het graag vooraf weten als hij een leerling krijgt waar iets bijzonders mee is. Die informatie heeft hij nodig om goed les te kunnen geven. Ouders zijn daar echter vaak niet open over. 

    De opleidingen voor muziekdocenten besteedden in ieder geval vroeger geen aandacht aan het omgaan met leerlingen met autisme. Cursussen, bedoeld voor docenten om zich daarin later bij te scholen, zijn door muziekinstituten helaas wegbezuinigd.

    André kent ook docenten die zelf een vorm van autisme hebben. Zij kunnen goed voordoen hoe het moet, maar kunnen moeite hebben om de horen of de leerling het ook ‘oppakt’. Het is voor een leraar belangrijk om aansluiting te zoeken bij de beleving van de leerling. De leerling hecht aan een omgeving waarin hij zich veilig voelt en waarin hij ‘gezien’ wordt.

    Voorbeeld: De leerling krijgt de instructie om nette kleding aan te doen voor een optreden. Maar ja; “Wat is nette kleding?”  De leerling kiest voor de kleding die hij altijd draagt als hij op les komt. Daarin voelt hij zich veilig.

    Docent en dirigent Gerd Wensink:

    Gerd heeft ervaring met leerlingen met autisme in de individuele lessen en als orkestdirigent. In de algemene muziekopleidingen is geen aandacht voor mensen met beperkingen of psychische problemen. Hij heeft zelf uit ervaring moeten leren hoe hij het beste kan communiceren met leerlingen/orkestleden met autisme.

    Opleidingen voor muziektherapeuten besteden wel aandacht aan autisme.

    Gerd is er graag van op de hoogte als er iets bijzonders aan de hand is met een leerling. In de rol van docent hoort hij het vaker dan in de rol van dirigent.

    “Muziek maken geeft structuur. Dat is prettig voor mensen met autisme.

    Een muziekinstrument leren bespelen is over het algemeen goed te doen. De leerling heeft duidelijke instructies nodig. Dat gaat goed tot aan het B-niveau.”

    Dat is het niveau om in een volwassen amateurorkest mee te kunnen.

    “Als de leerling een hoger niveau nastreeft kan hij problemen tegenkomen. Dan doet de docent een beroep op vaardigheden waar de leerling met autisme soms onvoldoende over beschikt. (Gevoel, interpretatie van de muziek, er meer van maken dan alleen datgene wat op papier staat.)”

    Let wel: Ook veel muzikanten zonder autisme komen niet verder dan het B-niveau. Sommige muzikanten met autisme halen wel degelijk een hoger niveau.

    “Spelen in een orkest is lastiger dan individueel muziek maken. Er zijn veel afleidende factoren. De interactie tussen dirigent en leerling is anders. De leerling met autisme is directer en afstandelijker in de communicatie.”

    Het is voor de dirigent en het orkestlid belangrijk om duidelijk te zijn. Geef aan wat de bedoeling is en waarom.

    Voorbeeld: De dirigent geeft uitleg aan de slagwerkers. De blazers moeten dan even geduld hebben en stil zijn.

    Voorbeeld: De leerling is zijn bladmuziek voor het orkest vergeten. Hij speelt altijd de tweede partij. De dirigent zegt: “Speel maar even mee met de eerste partij.” De leerling wil dat eerst niet doen. Hij heeft zich daar niet op voorbereid en is bang om fouten te maken. Na enige aanmoediging doet hij het toch. Het ging best goed. De leerling krijgt een compliment van de dirigent. 

    Muziekdocent basisschool en dirigent kinderkoor Milou Pasveer:

    In de opleiding van Milou Pasveer was in de reguliere stroom wel enige aandacht voor diverse beperkingen en bijzonderheden, waaronder autisme en ADHD. Daarnaast is specialisatie mogelijk.

    Milou gaf per mail antwoord op de vragen die ik stelde.

    Hoe gaan muziekdocenten om met leerlingen met (het vermoeden van) autisme?

    Over het algemeen krijgen muziekdocenten in opleiding een aantal weken les over mensen met verstandelijke of lichamelijke beperkingen of een vorm van autisme. Autisme is van die lessen maar een klein onderdeel. Docenten die de reguliere opleiding hebben gevolgd, zullen zelf in hun (onderwijs)praktijk uit moeten vinden hoe ze het beste om kunnen gaan met leerlingen met een vorm van autisme. Zeker voor docenten in het passend onderwijs zou het goed zijn als er meer aandacht voor is.

    “Er zijn muziekdocenten in het werkveld zijn die er wel wat meer vanaf weten, maar er zijn ook docenten die er helemaal niks vanaf weten en er dus ook geen maatregelen voor treffen.”

    Milou volgde de Opleiding Docent Muziek aan het ArtEZ Conservatorium te Enschede. Ze studeerde af in mei 2017. Daar was was er in het tweede leerjaar aandacht voor OPMD (Ortho-Pedagogisch Muziek Docent). In deze lessen (verspreid over een aantal weken) kreeg ze informatie over onder andere autisme, ADHD en lichamelijke beperkingen en ging ze een aantal weken op stage bij een school of zorginstelling. Daar kon ze aan het werk met deze doelgroep.

    Dit is het enige wat de reguliere stroom aan muziekdocenten meekrijgt. Milou heeft daarentegen een minor gevolgd en haar afstuderen toegespitst op dit onderwerp, waardoor ze een half jaar langer lessen heeft gevolgd over hetzelfde onderwerp en een jaar lang stage heeft gelopen in een zorginstelling. 

    Is een standaard muziekles ook geschikt voor kinderen met autisme of is een andere benadering nodig? 

    Milou:

    “Ik ben mij bewust van mijn keuzes in een muziekles, maar ik denk dat een standaard muziekles hier niet geschikt voor is. Denk alleen al aan geluidsniveau (prikkelverwerking). Nu zijn leerlingen van mij altijd vrij om hun koptelefoon op te zetten als het teveel wordt. Ook maak ik een duidelijke planning op het bord van mijn les en bespreek deze daarna ook altijd. Ik wil nog picto kaartjes maken, maar nu teken ik altijd vaste symbolen en schrijf ik op wat we doen. Zo kan elke leerling zich op mijn les voorbereiden (diegene die graag leest, diegene die graag naar symbolen kijkt, of diegene die het liever hoort). Mijn les heeft ook altijd dezelfde opbouw: goeiemorgen zingen naar elkaar, opwarmen op muziek (wel variatie in welke muziek in gebruik), herhaling van vorige les en daarna een of twee nieuwe activiteiten. Ik sluit ook af met een afsluitend lied en leerlingen mogen mij helpen met opruimen. Sommige leerlingen hebben ook vaste taken (het uitwissen van mijn tekst op het bord bijvoorbeeld, geeft die leerling rust (zo van: alles gaat weer terug naar normaal na de muziekles). 

    Daarnaast sta ik ook altijd open voor fysiek contact. Ik heb veel leerlingen die met mij willen knuffelen, en nou heb ik laatst gelezen dat dat voor kinderen met autisme als rust werkt in prikkelverwerking. Dus ik besteed daar altijd wat aandacht aan als leerlingen dit willen aan het begin of eind van de les! 

    Ik maak zelf ook bewuste keuzes in instrumenten of werkvormen die ik gebruik. Ik laat leerlingen zo veel mogelijk lekker bij hun tafel staan, dat is voor velen namelijk een veilige thuisbasis. Soms haal ik ze uit die comfortzone (zo gaat het normale leven ook), maar dan hou ik daar ook rekening mee in de rest van mijn les (geen prikkelvolle dingen meer). Ik hou ook rekening met geluidsvolume van instrumenten of schelle instrumenten. Ik leer leerlingen om zacht te spelen, ook waarom (en dan snappen ze dat altijd wel), en schelle instrumenten gebruik in niet elke les, en ook maar 1 of 2 van dat soort (bijvoorbeeld bellenkransen of tamboerijnen, die zijn heel naar voor je oren). 

    Ik speel ook in op het sensomotorische aspect, door bijvoorbeeld leerlingen te laten dansen met zachte sjaaltjes. Geeft toch weer een bepaalde rust en het is even lekker om iets zachts in je handen te hebben.”

    Hoe zit het met het samenspel? 

    Milou:

    Ik speel en zing heel veel samen als een klas. Ik doe wel eens groepswerk (leerlingen in kleine groepjes aan de slag), maar alleen als ik de opdracht heel duidelijk in stappen kan uitleggen met weinig woorden. Als ik dit niet kan, doe ik het niet. Ik merk wel dat leerlingen bij samenspel toch wel heel erg gefocust zijn op zichzelf en minder op de anderen (komt natuurlijk wel eens voor dat sommige leerlingen expres heel erg op de ander gaan letten en daar ontstaat narigheid uit). Ik laat leerlingen wel altijd goed luisteren naar elkaar, of in ieder geval elkaar bewust ervan maken. Want je hebt elkaar toch wel nodig! “

    Houd je ook rekening met bijzondere kwaliteiten van mensen met autisme?

    Milou:

    “Ik wel, ik weet dat sommige kinderen juist ver boven het muzikale kunnen van andere kinderen zijn omdat dit ze zo interesseert. Ik heb ook een leerling in een groep 3 op een reguliere school waar ik les geef met autisme, en hij kan prachtig piano spelen. Er staat een piano in de hal en aan het eind van de dag wil hij me altijd graag wat laten horen. Daar neem ik altijd wel even de tijd voor. Hij speelt echt prachtig, zo knap wat hij al kan voor een leerling uit groep 3. Maar, ik weet ook dat hij altijd veel moeite had met muziek vorig jaar, in groep 2, omdat hij nooit wist dat ik kwam. Toen zijn leerkracht daar na een half jaar (!!!!) achter kwam, bereidde ze hem altijd voor op mijn komst en toen pas genoot hij van de muziekles.” 

    Wat zijn de voordelen en nadelen van het lesgeven aan kinderen met autisme?

    Milou:

    Voordelen zijn dat deze kinderen er helemaal voor kunnen gaan als ze muziek als interesse hebben. Muziek is gelukkig erg logisch, met een duidelijk begin en eind, en de theorie is heel wiskundig. Dat spreekt veel leerlingen aan. Daarnaast zijn ze heel goed in mij als docent op de rit te houden als ik iets anders doe dan onze normale routine. 

    Nadelen zijn dat als leerlingen geen interesse hebben in muziek, ze zich daar dan ook niet voor open stellen. Daarnaast moet je met muziek veel rekening houden met prikkels, zoals te hard geluid of te schel. Daarnaast kan een afwijkende routine veel roet in het eten gooien. Daar kom ook nog eens bij kijken dat muziek ook iets is wat je moet voelen, en dat veel kinderen met autisme heel houterig en fragmentarisch spelen, in plaats van in een vloeiende lijn met gevoel. 

    Heb je ook ervaring met het geven van muziekles aan mensen met autisme en bijzondere muzikale vaardigheden? Hoe kunnen die vaardigheden zo goed mogelijk ontwikkeld worden?

    Milou:

    “Ja, zowel klassikaal als een op een. Mijn leerlingen hebben altijd behoefte aan een vaste routine, zachte geluiden en geen schelle geluiden. Ik heb een jongen met autisme pianoles gegeven en wij hadden samen een hele routine ontwikkeld, waarbij hij ook de tijd in de gaten hield en zij: nu moeten we dit doen. Prima, geen enkel probleem. Zolang hij maar met een goed gevoel weer naar huis ging. Zo kon hij ook veel meer leren. 

    Ik moest bij hem ook altijd wel oppassen met wat ik zei, want kinderen met autisme nemen alles heel letterlijk. Bijvoorbeeld over het thuis oefenen. Ik zei altijd: als je 5 minuten per dag doet is het goed. Ja, en dan gebeurt er thuis iets waardoor hij geen vijf minuten op een dag kon oefenen en dan kwam hij helemaal overprikkeld de les in (Wat zou Milou wel niet denken, nu kan ik het niet goed enzovoort…). Ja, en daar moet dan ook tijd voor zijn in een les, om daarover te praten en bespreken. Zodat hij aan het eind maar wel weer met een goed gevoel weer naar huis gaat!”

    Conclusies en aanbevelingen

    Ik heb voor opdracht informatie gekregen van vier docenten. Dat is natuurlijk veel te weinig om algemene conclusies uit te trekken. Het geeft wel een idee van wat docenten in hun praktijk tegenkomen en waar de leerlingen en docenten behoefte aan hebben.

    Leerlingen met autisme en uitzonderlijke muzikale vaardigheden zijn deze docenten weinig tegengekomen. Dat is ook weer niet zo verwonderlijk, want je hebt het over een klein percentage van de totale groep leerlingen.

    Muziek maken is goed voor de ontwikkeling voor kinderen met een vorm van autisme. Dat geldt ook voor zingen en dansen en in mindere mate voor het luisteren naar muziek.

    Gunstige effecten zijn er ook voor jongeren en volwassen muzikanten. Kortom: Ze kunnen er een leven lang plezier aan beleven.

    Om goed les en instructies te kunnen geven, moeten de docenten en dirigenten weten wat er aan de hand is met een leerling, koorlid of orkestlid. Dat heeft hij nodig voor een goede afstemming in de communicatie.

    Ouders zijn er vaak (te) terughoudend in om docenten en dirigenten daarover te informeren. 

    Er is behoefte aan meer aandacht voor autisme (en andere mogelijke beperkingen en bijzonderheden) in het onderwijs voor reguliere muziekdocenten en dirigenten. De kans is groot, dat zij te maken krijgen met leerlingen, koorleden of orkestleden met een vorm van autisme. 

    Veel docenten en dirigenten zijn ZZP-ers. Ze moeten eventuele bijscholing zelf financieren. Het zou mooi zijn als er subsidies komen waar zij een beroep op kunnen doen.

    Tonny van Hensbergen


    [1]Hoogleraar neurobiologie. Ons Creatieve Brein. Ho. XI Muziek en Ontwikkeling.

    [2]Hoogleraar klinische neuropsychologie. Wat doet muziek met je brein?

    [3]Hoogleraar muziekcognitie. Iedereen is muzikaal.

  10. Prikkels

    Leave a Comment

    Zintuigelijke waarneming

    Wij nemen altijd en overal waar. Bewust en onbewust. Wij kunnen ons waarnemen niet ‘uitzetten’. Iedere seconde komt er een grote hoeveelheid beelden, geluiden, gevoelens, geuren en smaken op ons af. Onze zintuigen zetten de waarnemingen om in prikkels in onze hersenen. Voor een deel is dit bewuste waarneming, maar voor een nog groter deel is dat een onbewust proces. We beseffen nauwelijks welke enorme hoeveelheid informatie we iedere seconde onafgebroken ontvangen en verwerken. Wij maken een selectie uit de duizenden zintuiglijke ervaringen. En wij maken allemaal een andere selectie. Dat zorgt ervoor dat we gebeurtenissen op onze eigen manier ervaren.

    Filtering van informatie 

    Informatie komt binnen via onze vijf zintuigen: horen, zien, ruiken, voelen, proeven. John Locke (1632-1704), een belangrijk filosoof en een van de grondleggers van de psychologie, stelde al dat er altijd een zintuigelijke waarneming de opmaat vormt tot het handelen vanuit ons bewustzijn.

    De bekende autisme onderzoekster Olga Bogdashina voegt hier nog aan toe het vestibulaire systeem (beweging, evenwicht en ruimtelijke oriëntatie d.w.z. en hoe wij in relatie staan tot onze omgeving) en proprioceptie (zelfwaarneming en het eigen lichaamsbesef).

    In taal geven wij vervolgens een beschrijving van onze ervaringen. Onze ervaringen zijn zintuiglijk en concreet. Maar zodra we dit in woorden gaan beschrijven, kunnen we onze waarnemingen en ervaringen niet volledig weergeven in taal. Onze taal heeft slechts de mogelijkheid gebeurtenissen, gevoelens en ervaringen sequentieel weer te geven. Wij laten daarom informatie weg, vervormen en/of generaliseren de informatie. Hierdoor is onze verbale of geschreven weergave niet compleet en is het ook niet mogelijk om de ervaring van een ander precies te begrijpen.

    Onze zintuigen zijn het middel om een verbinding tussen onze binnenwereld en de buitenwereld tot stand te brengen en hoe wij met de verwerking van de informatie (on)bewust omgaan bepaald onze gemoedstoestand.

    Veel mensen met autisme of aanverwante kwetsbaarheden zoals AD(H)D, HSP, of niet aangeboren hersenletsel zijn extra gevoelig voor zintuigelijke prikkels. Vaak wordt in de hulpverlening aangestuurd op het vermijden van vooral visuele en auditieve prikkels en het prikkelarm maken van de omgeving. Niet zelden ook volgens een vast format. En niet zelden werkt het niet zo goed omdat de prikkelverwerking zo ontzettend persoonlijk is. Wat voor de een prettig is kan voor de ander al een enorme negatieve prikkeltrigger zijn.

    Binnen onze trainingen doen onze cursisten altijd een kort onderzoek naar hun eigen zintuigelijke voorkeuren en naar hetgeen hen het meest zintuigelijk overprikkelt. Bij de zintuigelijke overprikkeling worden stresshormonen aangemaakt die uit eindelijk zorgen dat je in de “overlevingsstand” gaat.  Wij leren hoe je hier mee om kunt gaan. Want het zintuig wat bij jou het meest gevoelig is, is meestal ook het zintuig wat je het meest kan helpen in overprikkeling.